Je leert door een combinatie van theorie, praktijkopdrachten, veldwerk, excursies en het werken met actuele landschapsgegevens. De kennis die je opdoet, pas je toe op concrete gebieden en vraagstukken. Zo ontwikkel je stap voor stap de vaardigheden om landschappen te onderzoeken, te analyseren en te vertalen naar praktische oplossingen.
De leerlijn bestaat uit de volgende zes modules.
Je verdiept je in de fysische opbouw en ontstaansgeschiedenis van het Nederlandse landschap. Je leert hoe geologie, geomorfologie, hydrologie en bodem samen de kenmerken van rivierlandschappen en zandgronden bepalen. Ook leer je actuele natuur- en cultuurbronnen gebruiken om landschappen te analyseren en processen te verklaren.
Je leert bodem, water en natuur systematisch in het veld onderzoeken. Je oefent met het waarnemen, classificeren en registreren van fysisch-chemische en ecologische parameters. Daarbij maak je gebruik van passende meetinstrumenten en onderzoeksmethoden en leer je betrouwbare gegevens verzamelen en interpreteren.
Je onderzoekt hoe kust-, klei- en veenlandschappen zijn ontstaan en zich hebben ontwikkeld. Je leert de samenhang tussen natuurlijke processen, ecologie en cultuurhistorie herkennen en beschrijven. Ook ontwikkel je vaardigheden om de verschillende kenmerken en de beeldkwaliteit van een landschap te analyseren.
Je leert gebieden ruimtelijk en ecologisch analyseren. Je onderzoekt de samenhang tussen bodem, water, reliëf, vegetatie en menselijk gebruik en leert de waarden en potenties van een gebied onderbouwen. Daarnaast ontwikkel je basisvaardigheden in GIS (Geografische Informatiesystemen), waarmee je geografische gegevens kunt verwerken, analyseren en visualiseren.
Je leert hoe je een ruimtelijk vraagstuk vertaalt naar een onderbouwde visie en een concreet schetsontwerp voor de inrichting van een gebied. Je voert een locatieanalyse uit, onderzoekt planologische mogelijkheden en houdt rekening met ruimtelijke ontwikkelingen en gangbare inrichtingsmaatregelen. Ook leer je je keuzes onderbouwen en je bevindingen helder rapporteren.
Je verdiept je in de inrichting, het beheer en het onderhoud van de stedelijke leefomgeving. Aan de hand van een wijkonderzoek breng je de bestaande situatie in kaart en onderzoek je waar mogelijkheden liggen voor verbetering. Je leert passende beheer- en inrichtingsmaatregelen beoordelen en onderbouwde adviezen formuleren voor een aantrekkelijke, functionele en toekomstbestendige leefomgeving.